Proviron start met biodiesel in overvolle Europese markt
Het chemiebedrijf Proviron start in Oostende met de productie van biodiesel op een zeer moeilijk moment. Er heerst overcapaciteit in Europa. De sectorgenoten werken op amper 30 tot 40 procent van hun capaciteit. Maar Proviron rekent erop al binnen enkele maanden op volle toeren te draaien.
Proviron wordt de derde actieve speler in België met een eigen quotum, na Oleon en Neochim. Het opende gisterenavond zijn biodieselfabriek, een project van 16,5 miljoen euro. Het bedrijf werkte een eigen technologie uit en slaagde erin de hele bouwfase van ontwerp tot opstart te doorlopen in elf maanden tijd. 'De fabriek heeft een capaciteit van 100.000 ton per jaar die kan worden opgedreven tot 120.000 ton', zegt directeur Bruno Reyntjens. In die fabriek werken 30 mensen of 10 procent van de tewerkstelling op de site Oostende.
Proviron maakt biodiesel op basis van koolzaadolie en deels sojaolie. Proviron kreeg een quotum toegewezen in België van 38.000 ton per jaar. Normaal was die afzet verzekerd, maar de Belgische pomphouders zijn nog niet verplicht biodiesel bij te mengen.
'Toch hebben we al afnemers gevonden zowel in België als in de buurlanden en op de spotmarkten', zegt Reyntjens. In landen als Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Ierland en in Scandinavië is de handel vrij en gaat het om de laagste prijzen. 'Daar hebben we een extra troef in handen, omdat we in België wellicht de laagste variabele kosten hebben', zegt Wim Michiels, gedelegeerd bestuurder. Proviron produceert in Oostende ook ftaalzuuranhydride, een weekmaker voor de kunststofindustrie. In dat proces komt warmte vrij, die verloren ging en die nu nuttig wordt aangewend voor de productie van biodiesel. 'Voor ons betekent dat bijna gratis energie en dat maakt het verschil met de concurrentie' zegt Reyntjens.
Groene chemie
De productie van biodiesel in Oostende paste precies in de strategie die Proviron twee jaar geleden ontwikkelde om over te schakelen van de klassieke chemie naar de 'groene chemie'. Dat betekent dat voortaan producten worden gemaakt op basis van hernieuwbare grondstoffen uit de landbouw in plaats van uit derivaten van aardolie. In Frankrijk kent die trend een snelle opgang. De grootste bioraffinaderij in Europa van de familie Roquette staat vlak bij Lille.
De massale omschakeling naar landbouwproducten als graan en plantaardige oliën als grondstof voor die groene chemie heeft evenwel voor een forse prijsopstoot gezorgd. Dat roomde het aanvankelijke prijsvoordeel tegenover de dure aardoliederivaten af. Bovendien voeren de VS massaal goedkope en deels gesubsidieerde biodiesel uit naar Europa. 'Het gaat om 1,5 miljoen ton per jaar. Daartegenover staat een capaciteit van 10 miljoen ton biodiesel in Europa,' zegt Reyntjens. Dat is te veel voor de huidige vraag, zodat de meeste fabrieken op amper 30 tot 40 procent van hun capaciteit werken.
Proviron rekent op een verzekerde afzet van 38.000 ton per jaar. Al zijn de pomphouders in België niet verplicht biodiesel bij te mengen, toch gaan ze stilaan overstag. Total en enkele kleine spelers gebruiken nu al biodiesel aan de pomp aan, Exxon volgt vanaf volgend jaar. Shell bouwt een groot depot in Gent, zegt Michiels. Hij rekent erop binnen enkele maanden op de volle capaciteit van 100.000 ton te werken.
Proviron hoopt in 2008 break-even te draaien na twee moeilijke jaren met een operationeel verlies. Het bedrijf haalt 132 miljoen euro omzet. Naast biodiesel maakt Proviron ook silanen, een grondstof voor groene autobanden.
VDB 07:00 - 23/11/2007 Copyright © De TIJD
Leo Michiels blijft geloven in de chemiesector
Leo Michiels heeft met zijn onderneming Proviron bewezen dat er in de chemiesector als klein bedrijf een eigen leven mogelijk is naast of samen met de groten. Hij begon in de jaren 70 als toeleverancier van chemische tussenproducten in maakloon. Dat gebeurde voor de Antwerpse chemiereuzen op de terreinen van de voormalige Sfinx-fabriek in Hemiksem. In 1996 zette Michiels een grote stap voorwaarts door het oude en deels vervuilde chemieterrein van UCB in Zandvoorde nabij Oostende te kopen. Het is een site van enkele honderden hectare. Zo behoort Proviron inzake uitbreidingsmogelijkheden en visibiliteit meteen tot de groten in de Vlaamse chemiesector.
Overleven in de chemie is geen sinecure. Zeker niet op een ogenblik dat zelfs de heel groten als Hoechst, ICI en ook BP het moeilijk hadden. Het geheim zit in de eigenzinnigheid van de stichter. Leo Michiels gaf Proviron een eigen profiel mee. Dat stoelde deels op zekerheid via contracten in maakloon bij de groten in de sector.
Tegelijkertijd bouwde hij een eigen productniche uit door fundamenteel te blijven nadenken over het rendement van chemische processen. Zo slaagde hij erin essentiële tussenproducten te maken zoals silanen voor groene banden, goedkoper dan de concurrentie. Bij de productie van biodiesel ontwikkelde het bedrijf opnieuw een eigen procedé dat goedkoper is dan de klassieke technologie. Proviron heeft tien mensen in fundamenteel onderzoek. Dat kunnen de veel grotere chemiebedrijven in Antwerpen niet zeggen. Inzake personeelsbeleid streefde Michiels originaliteit na. Als kind van de jaren 60 was samenhorigheid van zijn personeel een essentiëel gegeven. Jaarlijks trok hij met zijn kaderpersoneel op een survivalweekend in de Ardennen. Het management kreeg de kans op een participatie van 12,5 procent in het kapitaal van de groep. De overige 87,5 procent zit nog integraal bij de familie.
Michiels gaf de fakkel tijdig door aan zijn twee zoons, Wim en Marc, die nu gedelegeerd bestuurder zijn. Leo is voorzitter van de raad van bestuur en doet het kalmer aan. Hij jogt en speelt muziek, liefst in groep met een blokfluit of een accordeon.
VDB -- Pagina 7 07:00 - 23/11/2007 Copyright © De TIJD